"…het ideaal van de vrije mens, vrij van vrees en gebrek, kan slechts worden verwezenlijkt indien er omstandigheden worden gecreëerd waarin een ieder zijn economische, sociale en culturele rechten, alsmede zijn burgerrechten en zijn politieke rechten kan uitoefenen…" (International Covenant on Economic, Social and Cultural Rights preamble)
Veertig miljoen mensen, zowat twee derde van de totale bevolking van de Democratische Republiek Congo, zijn afhankelijk van het regenwoud in het Congobekken voor voedsel, onderdak en medicijnen. Een lokale gemeenschap is momenteel verwikkeld in een juridische strijd tegen een ontginningsonderneming dat een dochterbedrijf vormt van een grote transnationale organisatie. Deze onderneming staat nationale politie en gewapende troepen bij in een scala van wraakacties, zoals geweld, verkrachting en het toebrengen van slagen en verwondingen aan leden van de gemeenschap, het vernielen van eigendommen en het willekeurig arresteren van personen. Ten minste één persoon is overleden aan de gevolgen van zijn verwondingen.
Deze brutale onrechtvaardigheden houden een waaier aan schendingen van (burgerlijke, politieke, economische, sociale en culturele) Mensenrechten in. Men kan hierbij niet enkel oog hebben voor één enkel categorie van rechten, zoals het recht op arbeid, het recht om niet onderworpen te worden aan een willekeurige arrestatie of hechtenis, of het recht op een adequate levensstandaard. Wanneer personen zich verzetten tegen de ontginning van hun land en verhinderd worden om hun leven op de gebruikelijke manier verder te zetten, wordt afbreuk gedaan aan verschillende rechten van deze personen.
“Een ieder heeft recht op een levensstandaard, die hoog genoeg is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin, waaronder inbegrepen voeding, kleding, huisvesting en geneeskundige verzorging en de noodzakelijke sociale diensten, alsmede het recht op voorziening in geval van werkloosheid, ziekte, invaliditeit, overlijden van de echtgenoot, ouderdom of een ander gemis aan bestaansmiddelen, ontstaan ten gevolge van omstandigheden onafhankelijk van zijn wil” (Universal Declaration of Human Rights, artikel 25.1).
Economische en sociale rechten zijn Mensenrechten in verband met werk, sociale zekerheid, een adequate levensstandaard, onderwijs, gezondheidszorg, huisvesting, voedsel, water en sanitaire voorzieningen.
AdZG promoot Mensenrechten door het aanwenden van rechtsmiddelen, waarbij de meest kwetsbare personen toegang krijgen tot justitie. Schendingen van economische en sociale rechten - zoals gezondheid, onderwijs, huisvesting en werk – zijn onvermijdelijk. Juridische mechanismen kunnen het echter mogelijk maken dat eenieder een waardig leven kan leiden. AdZG draagt hier onder meer toe bij door:
De nood aan een allesomvattende aanpak in de strijd tegen schendingen van economische en sociale rechten kwam aan het licht tijdens het “Globalisation and Justice” project dat AdZG van 2007-2009 leidde. Er werd een Europese sensibiliseringscampagne gelanceerd die tot doel had de kennis en interesse van advocaten op vlak van de onderlinge afhankelijkheid tussen EU-lidstaten en ontwikkelingslanden, alsook betreffende de gevolgen hiervan in het Zuidelijk halfrond te vergroten. Het project omvatte een rondreizende fototentoonstelling, workshops, rondetafeldebatten en publicaties van opleidingen en sensibiliseringsmateriaal.
Pdf van het rapport "Globalisation and Justice" (in het Engels)
Volg recent nieuws en
ontwikkelingen.
Lees hier de laatste editie: